Terwijl iedereen bij het marathon- schaatsen klaagt over het wegblijven van publiek en supporters, is er één uitzondering.
Als zij er is is hij er zeker.
Hij oogt fragiel, blauwgrijze ogen en is de zeventig al gepasseerd.
In de zomer kom ik hem altijd tegen bij wielerkoersen.
Geboren in Rotterdam-Charlois, waar hij als kind een ernstige hersenvliesontsteking opliep, bracht hij 'op zuid' zijn jeugd door.
Bij wielerclub Feijenoord had hij zijn eerste idolen: Maarten Breure, Theo Sijthof.
Grote namen van weleer.
Samen met Dick den Burger was Willem Erwich bij de koers een onafscheidelijk duo.
Maar Dick is dood en Willem loopt nu overal alleen rond.
Niet echt alleen, want Willem kent iedereen en iedereen kent Willem.
Zijn grote idool is Daniëlle, Daniëlle Bekkering.
Overal waar Daniëlle is, zie je Willem. Regelmatig houdt hij me op de hoogte.
Dan beginnen zijn ogen te glimmen: "Rien, ze is op trainingskamp in Calgary!"
Of: ,,Ik ben vorige week nog bij haar in Den Ham geweest”.
Hij praat respectvol over haar, zoals dat oudere mannen betaamt.
In Utrecht stond hij onopvallend opgesteld ter hoogte van de coaches.
Terwijl ik hem aansprak bleven zijn ogen Daniëlle in de wedstrijd voortdurend volgen.
Een karakteristieke man.
Veel marathonneurs zouden trots zijn op zo' n supporter.
Rien de Roon