[./columns.html]
[./columns4.html]
[Web Creator] [LMSOFT]
  
Peter de Vries

Over de rol van SBS in het marathon- schaatsen,  de wedstrijden op zaterdag 
en zondag en het mediabeleid van de KNSB is alles al wel gezegd.
Toch maakt het indruk als iemand als Peter de Vries, na een slapeloze nacht over de angstig lege tribunes bij de eerste Essent Cup wedstrijd in Assen, een open brief stuurt naar de krant om zijn bezorgdheid te tonen over ontwikkelingen, die in zijn ogen geheel verkeerd zijn.
Naar Peter de Vries luister je, omdat hij een van degenen is die in het rijtje namen van grote marathonschaatsers zal worden bijgeschreven als hij straks, over vier maanden, uitgeschaatst is en hij op zijn veertigste een punt zet achter een mooie carrière.
Peter de Vries gooit niet met modder, haalt niet ongenuanceerd uit naar de KNSB of SBS 'omdat zij de sport vermoorden' . Hij is zelfs niet cynisch.
De Vries is oprecht bezorgd en uit dat in een keurige brief, die het verdient tot in de hoogste geledingen van de schaatsbond serieus genomen te worden.
Peter de Vries is bang dat in het circus van de tussensprints op zondagmiddag de essentie van de marathonsport verloren gaat. 'Een sport die hard werken, nostalgie en sfeer uitstraalt'.
Hij zegt: 'Misschien zijn we niet de ideale televisiesport, maar wel een volkssport met veel publiek langs de baan'.
De televisiecompetitie op zondagmiddag verdient een kans en als het kan een beetje steun. Maar wat is er tegen om niet ook dat andere ijzer in het vuur te houden, zodat je die zaterdagavond achter de hand hebt, mocht het avontuur met SBS onverhoopt op een fiasco uitdraaien. Dan is het weren van televisiecamera's bij de KNSB Cup op dit moment misschien niet erg handig, nog afgezien van de terechte bezwaren uit de gewesten.

                               Willem Ammerlaan
  
Transponders

Handige dingen, die transponders.
Hoewel ik nog altijd het gevoel heb dat mijn hond bij  de dierenarts gechipt moet worden  of dat iemand met een elektro- nisch enkelbandje thuis zijn gevangenis- straf mag uitzitten.
Sporters hebben tegenwoordig oortjes en transponders. En de tijd is vast niet meer ver weg dat ploegleiders alleen nog met een joystick langs de baan staan.
Handige dingen, die transponders.
Want ze voorkwamen toch maar mooi de chaos op het ijs, toen er in Assen bij de openingswedstrijd van de Essent Cup na tachtig ronden werd afgesprint. In een fractie van een seconde verschenen op het elektronisch scorebord de nummers van de twintig rijders, die de laatste ron- den mochten rijden.
Lastiger werd het  een week later in Am- sterdam toen de enkelbandjes het wel deden, maar het scorebord niet. Serieu- zer leek het incident van de avond daar- voor in Haarlem, waar Elma de Vries ten onrechte zou zijn  aangewezen als win- nares van de wedstrijd om de KNSB Cup. Elma meende gezien te hebben dat Maria Sterk haar schaats net even iets eerder over de streep drukte dan zij en dus werd er verhaal gehaald bij de officials. De uitslag stond vast, want de transponders hadden het uitgemaakt, net als de videobeelden. Wat zegt het Wed- strijdreglement Marathon op bladzijde 21 van dat mooie blauwe boekje over Het Finishen: 'Een deelnemer is gefinisht zodra de punt van zijn schaats in contact met het ijs de finishlijn heeft bereikt'.
En wat voegt de slotzin op bladzijde 33 over de transponders daar aan toe: 'De video-uitslag blijft bepalend voor de wedstrijduitslag'.
Handige dingen, die transponders.
Maar in Haarlem hadden de videobeelden gewoon het laatste woord: Elma.

                              Willem Ammerlaan

  
Jeen

Iemand tikte op mijn schouder.
Ietwat gestrest was ik tussen het Hee- renveense publiek op zoek naar mijn juryrapporteur Henri Ruitenberg. Ik draaide mij om en keek in het ver- wachtingsvolle gezicht van Jeen.
"Jeen van den Berg!"
"Rien? Rien de Roon hè?"
Jeen heeft een paar jaar geleden een tia gehad en kent niet iedereen meer.
"Ja, ja jou ken ik nog hoor, jij bent veel gevallen op de Zwette naar Sneek toe". Dat was in de Elfstedentocht van 1986.
Klein, mager en nog steeds afgetraind. Winnaar van de Elfstedentocht in 1954.
Een schaatsmonument. Maar de nieuwe generatie kent hem niet.
In zijn nadagen heb ik nog in dezelfde sponsorploeg geschaatst. 'AHV, vlees voor hond en kat' stond er op ons schaatspak. Ik kan me nog herinneren dat we met  drie man in de Jaap Eden- trofee op kop zaten. Iedereen nam over, maar er klopte iets niet. Mijn intuïtie zei me dat er nog iemand mee zat. Ik keek achterom en zag dat het Jeen was.
"Rijden, Rien",  riep hij,  "we lopen uit".
"Zou je niet over nemen",  schreeuwde ik hem toe.     
"Ja, ja ik kom zo. Jullie gaan goed, ik ga over twee ronden overnemen."
Dat was Jeen. Altijd docerend zoals hij het als onderwijzer voor de klas deed.
Nu stond ik oog in oog met hem, vragend om aandacht.
"Weet je nog, dat we hier in de tijd van Dolle Dries en Emiel Hopman een keer
voor 10.000 toeschouwers hebben geschaatst?"
"Ja, ja Jeen dat weet ik nog, maar ik heb het nu even druk".
"Geef niet Rien, ik zie je straks nog wel". Hij draaide zich om en staarde het stadion in. Zoekend naar iemand anders uit een grijs schaatsverleden.

                                     Rien de Roon